Christus regeert niet

Christus regeert niet. Dat moet Hij onder ogen zien. Vroeger mag Hij dan macht gehad hebben, vanaf keizer Constantijn in de vierde eeuw, tot zeg maar de achttiende eeuw, maar dit ‘duizendjarig rijk’ is echt wel voorbij. Hij moet niet de ogen sluiten voor deze realiteit en heimwee hebben naar zijn vroegere macht; dat heeft echt geen zin.

De manier waarop Hij zijn macht uitbreidde en handhaafde, was overigens vaak verre van fraai. Hij was vaak autoritair, patriarchaal, paternalistisch, Hij heeft veel psychische schade veroorzaakt. Hij moet zich een beetje schamen voor zijn verleden. Hij heeft boter op zijn hoofd.

Christus doet er het beste aan openlijk te erkennen wat er onder zijn regime zoal fout is gegaan. Laat Hij zich inleven in de slachtoffers, slaven, vrouwen, minderjarigen, en zijn excuses aanbieden.

Dan is er mogelijk nog wel een plaats voor Hem. Als hij zich dienstbaar opstelt, naar mensen luistert, zich in ze inleeft, hun verhaal respecteert en hulp en zorg biedt, zonder voorwaarden te stellen. Hij moet er zijn voor de buurt, het opnemen voor gemarginaliseerden, iets doen tegen geweld en milieuvervuiling.  Aan zulke personen is altijd behoefte. Maar Hij heeft zeker niet het patent op naastenliefde en het opkomen voor armen en onderdrukten.

Minderheid

Er is een kloof tussen Christus en de postmoderne mens en Hij slaagt er niet in die te overbruggen. Hij spreekt ook de jeugd niet aan en kan die niet vasthouden. Hij is irrelevant geworden. Op de duur is Hij ten dode opgeschreven.

In ieder geval moet hij beseffen dat Hij nu een minderheidspositie inneemt in een ontzuilde en pluralistische samenleving. Zijn stem is hooguit een van de vele. Wil Hij nog een kans hebben, dan moet Hij zich aan de samenleving aanpassen, zijn vroegere aanspraken relativeren en zich onderwerpen aan besluiten van de meerderheid en aan hoe er momenteel gedacht wordt.

Misschien kan Hij nog een rol spelen als Hij zijn eigen identiteit in deze samenleving handhaaft en inbrengt. Dan moet Hij wel een mediabeleid ontwikkelen en bijvoorbeeld gaan twitteren. Misschien kan Hij wel een icoon worden voor een goed spiritueel gevoel. Voorwaarde is wel dat Hij zacht en diplomatiek is en zorgt dat Hij niemand voor het hoofd stoot. Een proces is gauw aangespannen en dan komt Christus opnieuw, zoals maar al te vaak, in de beklaagdenbank.

Christus brengt geen duidelijke boodschap. In zekere zin hangt Hij nog aan het kruis. Hij heeft zich verborgen, Hij spreekt fluisterend, niet vrijmoedig. Zijn stem is nauwelijks te horen in het kabaal van de moderne samenleving.

Dat koninkrijk van Hem, wordt dat nog wat? In ieder geval is het er nu niet.

Ongerijmd?

Deze geluiden zullen christenen ongerijmd in de oren klinken; maar als je Christus op de meeste plaatsen vervangt door de kerk, het christendom, de christenen, gelovigen, het geloof, of iets dergelijks, dan worden het vertrouwde geluiden.

Kortom, christenen hebben er moeite mee om – boven al het aardse en menselijke uit, en er achter, en er tussenin – Christus, hun Heer, te blijven zien en over hem te spreken. Sociologie en politiek kennen Hem niet, en de geschiedenis niet na het jaar 33. En dat zijn de taalvelden die vandaag domineren.

In deze wereld is het dringend dat christenen over hun Heer spreken. Vanuit een gloeiend geloof. Of is het misschien te laat?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *