Derk

Hij kwam uit een familie die doordrenkt was van de waarde: aanpakken! Dat zal al van jongs af aan ook in hem. Hij was oudste kind in een groot gezin en had een sterk verantwoordelijkheidsgevoel. Hij trouwde jong. Hij begon een eigen eenmanszaak en werkte hard. Ze kregen vier kinderen, waarvan er een een zorgenkindje was.

Ze waren lid van een gereformeerde kerk, die, evenals het hele dorp, klein was. Als er een dominee weg ging, was de kerk altijd een aantal jaren vacant voordat er een nieuwe kwam.

Derk (om hem een naam te geven) werd ouderling toen hij nog maar een eind in de twintig was. Als ondernemer was hij gewend zijn tijd efficiënt te gebruiken, en het lukte hem deze taak erbij op zijn schouders te dragen. Zijn gave om situaties te overzien en aan te pakken viel op. In zijn tweede ambtstermijn werd hij preses van de kerkenraad. Vooruit, ook dat is een roeping; aanpakken! Hij trok de kar van het beroepingswerk.

Na drie jaar nam een nieuwe dominee het voorzitterschap van de kerkenraad over. Al vrij gauw daarna zat zijn ambtstermijn er op zat, trad hij af en had hij eindelijk weer meer tijd voor zijn werk en zijn gezin.

Maar het lukte niet zo. Hij was moe en lusteloos, en de relatie met zijn vrouw was er niet beter op geworden. Zijn rug, waar hij altijd al last van gehad had, begon meer op te spelen. En ook geestelijk voelde hij zich uitgeblust en onbevredigd. Was dat nou de kerk waar hij zijn beste krachten aan had gegeven, die ingezakte boel, die mensen die moeilijk waren en altijd bleven, die stijve kerkdiensten, waar geen beweging in te krijgen was?

Links en rechts hoorde hij van een evangelische gemeente, in de stad twintig kilometer verder. Daar hadden ze een voorganger, daar spatten de vonken van blijdschap van af! En de hele sfeer was veel blijer. Er werden vlotte, opwekkende liederen gezongen. Dat leek hem ook wel wat. Zondags stapte hij in de auto en reed weg. Zijn vrouw bleef met de kinderen naar de dorpskerk gaan. Ze had verdriet van wat haar man deed en liet hem dat ook merken, maar ze zeurde niet: het was zijn eigen keus, en hij vond het mooi.

Dat ging een half jaar zo door. Toen besloot hij om weer met zijn gezin naar de kerk te gaan. Hij was weer een beetje opgeknapt. De kerkdiensten waren niet veranderd, de gemeente ook niet, en zag het weer zitten, zei hij.

Wat was er gebeurd? Was hij teruggekeerd naar wat toch eigenlijk zijn diepste overtuiging gebleven was? Ja, maar er was ook iets anders. Hij had een tijdje afstand genomen en was tot zichzelf gekomen. Hij had – onbewust – zichzelf meer leren kennen. Hij besefte dat, als je innerlijk uitgeblust bent, een blijdschap die van buitenaf op je af komt, dat niet wezenlijk kan oplossen. Hij had zichzelf meer leren aanvaarden. Hij was nu eenmaal Derk met zijn eigen karakter, een harde werker met dat verantwoordelijkheidsgevoel. Hij zou nooit zo’n enthousiaste juicher vol warme gevoelens worden.

Dat vroeg zijn Heer ook niet van hem. Hij kon in die tammere gereformeerde kerk toch thuis zijn. Hij kon daar christen zijn.

5-5-2011

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

mushroom coffee