Uit het magische land

Perzië! Het geheimzinnige oosten, in de tijd dat India en China nog wel heel erg ver weg waren. Een oud rijk, een eerbiedwaardige  cultuur, een bakermat van de beschaving. Nog aan de andere kant van het Romeinse rijk. Bloeiend toen wij, het westen, nog wild en primitief waren. Waar het woord ‘paradijs’ (tuin) vandaan komt. Later onderdeel van de mysterieuze Arabische wereld met de verhalen van Sheherazade uit 1001-nacht uit Bagdad, waar Tsjaikofsky, Grieg, Rimsky-Korssakov en Ravel hun exotische muziek over schreven. Het ultieme ‘Nachten in de tuinen van…’ (Spanje, De Falla) moet wel iets als ‘nachten in de tuinen van Bagdad’ of ‘van Perzië’ zijn.

Wat de nog ongecultiveerde eerste moslimveroveraars van India aan cultuur meebrachten, tot en met de bloeiperiode van de Moghuls, kwam daar vandaan. Onze Indiase vriend van voorname moslimafkomst nam mij mee naar een voormalig paleis, bibliotheek, nu museum, en deed me bij de Perzische manuscripten zijn nostalgie voelen: dat was de bloeiende achtergrond van zijn cultuur, die nu in verval was onder de dominantie van het hindoeïsme.

Perzië is ook het rijk dat zich in Bijbelse tijden gunstig onderscheidde van andere expansieve wereldrijken. De koningen lieten de Judeeërs terugkeren naar hun land en begunstigden de wederopbouw. Daniël maakte de opkomst ervan nog mee, en de Joden werden er door Ester van uitroeiing gered. Tenslotte kwamen hier (volgens een opvatting) de wijzen uit het Oosten vandaan – het Griekse woord magoi, magiërs, komt uit het Perzisch.

Nonverbaal

Ik geniet de eer en het voorrecht om een paar telgen uit deze roemrijke natie een paar weken privécatechisatie te geven. Zoals Amin met zijn gezin en Kamran (ik heb de namen veranderd).

We moeten het doen met een klein beetje Engels aan hun kant en volstrekt geen Perzisch (of Iraans of Farsi) aan mijn kant. Dat levert een boeiend proces op. Zij hebben een boek dat uit het Amerikaans in het Perzisch vertaald is, terwijl ik bij mijn voorbereiding de oorspronkelijke versie op de computer kan inzien. Ik heb een paar A4’tjes gemaakt. Maar vooral lezen we met elkaar Bijbelgedeelten. Zij lezen om de beurt voor en ik moet er goed om denken dat ik precies aangeef tot waar ze moeten lezen, want ik kan niet horen waar ze zijn. Zijn ze nou nog niet klaar? Of hun taal of hun vertaling moet wel erg breedsprakig zijn. En dan geef ik uitleg.

bron: Opbouw online
bron: Opbouw online

In het begin vertaalt Kamran mijn uitleg. Amins vrouw Soraya kan die dan ook volgen, voorzover ze niet apart zit om haar jongste zoontje de borst te geven. Soms praten de mannen er met elkaar over door. In goed vertrouwen wacht ik. Een beleefd knikken bij wijze van instemming is voor mij niet voldoende, maar als ik een nonverbaal ‘Aha, nou begrijp ik het!’ zie, vergezeld van ‘Yes, Yes’, ben ik tevreden. Regelmatig krijg ik ook een samenvatting van het besprokene in het Engels. Ook vragen kan ik met behulp van de tolkerij beantwoorden.

Ondeugend

Ook de bijdehante dochter van veertien doet mee aan het lezen en het luisteren. De jongens zitten er wat afwezig bij, maar als ik ook voor hen een Perzische Bijbel vind, draaien ze in en betrekt vader Amin hen ook in het gesprek. Soraya is wat teruggetrokken, maar als ik bij het begrip ‘heilig’ over de tempel in Jeruzalem vertel, vraagt ze: Accepteerden de Israëlieten die dan? Na mijn uitleg komt er een ondeugende glimlach op haar gezicht: O, dan hebben ze me dat altijd verkeerd verteld! Zij heeft in haar islamitische opvoeding in Afghanistan maar over één heiligdom in Jeruzalem gehoord, dat van Mohammed.

Af en toe herken ik een woord. ‘Racham – mercy, precies zoals in het Hebreeuws!’ De HEER (ik ben intussen vertrouwd met verschillende vormen van de naam van God) ‘sultanat’ – regeert! Inmiddels heb ik gelezen dat het Perzisch veel woorden uit het Arabisch heeft overgenomen. Nee, zegt Kamran, het is andersom, want het Perzisch is ouder. Prima, het is een trots volk en het recht op patriottisme kun je niemand ontzeggen.

Uitje

Amin is een leuke, opgewekte vent, die best in het Engels een verhaal kan vertellen. Het verstaan kost hem meer moeite. Maar als Kamran er een keer niet bij is, onderwijst hij zelf zijn gezin, en zijn toon doet meer denken aan een gereformeerde ouderling dan aan een tolkende catechumeen.

Het gezin zou zo uit een gereformeerd milieu weggelopen kunnen zijn. Ik moet er bij zeggen dat dit een uitje voor ze is, naast de zondag ook in de week twee keer met z’n allen naar het comfortabele kerkgebouw. Ze wonen in het vluchtelingenkamp en de jongens hebben schoolvakantie. Wonen kun je het nauwelijks noemen, het optrekje is alleen een slaapkamer. Daar, op bezoek, hoor ik ook de treurige verhalen. Drie kinderen zijn van Soraya uit een vorig huwelijk, dat ze als dertien- of veertienjarige begon met een man van vijftig, die haar dagelijks mishandelde. En toen ze in Iran een nieuwe man vond en ze samen de Bijbel lazen en christen werden, begon de ellende opnieuw.

Dat oude, mooie, trotse land jaagt nu z’n kinderen die christen worden op de vlucht. Het zijn wel wijzen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *