Drugs vrijgeven, en dan?

Stel nu eens dat we drugs zouden legaliseren. Te beginnen met marihuana, of wiet, maar dan ook andere. Zoals nu in Californië mogelijk gaat gebeuren. Ik zeg niet dat ik er voor ben, maar stel dat. Wat dan? Is dan het hek van de dam? Glijdt Nederland dan verder van het hellend vlak af in de plons van de verloedering?

Voorstanders hebben genoeg argumenten. De prijzen zullen dalen waardoor drugscriminaliteit minder lucratief wordt, de kwaliteit kan beter gecontroleerd worden, er komt opsporingscapaciteit vrij bij politie en douane, enzovoort.

Misschien, maar ik heb er een hard hoofd in. Kijk bijvoorbeeld naar de legalisatie van prostitutie. Schoorvoetend wordt nu erken dat dat beleid lang niet succesvol is geweest. Veel prostitutie zakte verder weg in de illegaliteit, en vrouwenhandel loopt als een tierelier.

Er zijn nog meer argumenten om drugs vrij te geven, maar die blijven veelal in de schaduw omdat ze negatief van aard zijn. Het is vechten tegen de bierkaai. Drugsgebruik is geaccepteerd in de samenleving. Naast de bekende verslaafden die aan de zelfkant van de samenleving terechtkomen en rondhangen, is het sociaal gebruik opgekomen, het matig en beheerst gebruik, vergelijkbaar met sociaal alcoholgebruik. Er worden ‘partydrugs’ gebruikt: je bent zondags stoned, maar kunt maandags weer werken. Het prestatievermogen van mensen gaat achteruit, maar ze blijven functioneren.

Er worden steeds meer drugs onderschept, steeds grotere partijen, en wietplantages geruimd. Bravo, opspoorders. Maar is dat geen signaal dat er steeds meer wordt geproduceerd en getransporteerd? Het is dweilen met de kraan open.

We zouden drugs ook kunnen legaliseren – raar begrip eigenlijk; we kunnen ook decriminaliseren zeggen – zonder dat er iemand hoera roept. We zijn allemaal verliezers: de politiek, de samenleving, de volksgezondheid, de jeugd.

Het gebruik zal toenemen. Hersens zullen nog meer beschadigd worden. Het opleidingsniveau van de Nederlanders zal dalen, eindtermen moeten worden aangepast, en de output van universiteiten wordt kwalitatief minder. Mensen zullen slechter presteren. De verkeersveiligheid zal achteruitgaan: naast ongelukken door overmatig alcoholgebruik zullen er ook door drugsgebruik meer slachtoffers vallen. Toch zakt Nederland zakt niet op de wereldranglijstjes, alleen maar omdat over de hele wereld hetzelfde gebeurt.

Maar dan zal er een tegenbeweging op gang komen. De wal keert het schip. Bedrijven zullen strenger worden: bij de eerste symptomen staat de werknemer een indringend gesprek te wachten, en bij herhaling kan hij of zij zonder pardon op straat worden gezet; dat staat in de arbeidsovereenkomst. Op scholen geldt dat nog des te meer, want leerkrachten hebben een voorbeeldfunctie.

De voorlichting wordt geïntensiveerd. Er gebeurt iets dergelijks als we de afgelopen vijftig jaar hebben meegemaakt met roken. Gebruikers worden met een scheef oog aangekeken. Het is een sociaal mechanisme. Natuurlijk, voor opgeheven vingertjes zijn we nog steeds allergisch en de persoonlijke vrijheid blijft heilig. Maar ‘het is een man die het laten kan’. De formulering is natuurlijk verouderd; we zeggen eigentijds: drugsgebruik is voor losers. Het is ‘not done’. Op de voordeur van horecagelegenheden komt te staan: ‘Gewoon gastvrij, geheel drugsvrij’.

Mensen gaan met buttons op lopen: ‘Ik ben clean’. Er ontstaat een nieuw, positief woord voor niet-gebruikers, en er komen aparte zorgverzekeringspolissen voor ze. In Amerika krijgen producenten een proces aan hun broek, en in Nederland gaan daar ook stemmen voor op.

Naast afkickklinieken verschijnen er op grote schaal zelfhulpgroepen, soms met een religieuze lading, naar het voorbeeld van Alcoholics Anonymous, met hun twaalf regels, waarvan de laatste luidt: anderen helpen van hun verslaving af te komen en clean te blijven. Er komt een wereldbeweging, naar analogie van ‘wachten tot je trouwt’: Ik beloof dat…

Veel daarvan zal weer afzakken en geruisloos verdwijnen, zoals een rage. Maar er zullen mensen mee geholpen zijn. Velen blijven clean. Meer en meer jongeren beginnen er nooit aan. En die presteren beter. Zij nemen de plaats van de Einsteingeneratie in. Maar zij hebben gemiddeld ook stabielere gezinnen.

Het blijft een minderheid, maar toch… Zoals de profeet Jesaja zei: “Een rest zal terugkeren”.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

mushroom coffee